Pantanal – Deel 1
Brazilië – Pantanal | Anno 2018


Statig meandert de Río Mutum door de Pantanal. Een paar kilometer verderop mondt ze in de machtige Río Cuiabà uit

Vannacht heeft het fel geregend. Genoeg om het waterniveau met een tweetal centimeter te doen stijgen

Maar op de novemberregens is het nog enkele weken wachten. Dan zullen deze rivieren uit hun oevers treden en heel de omgeving grotendeels blank zetten. Zo ontstaat het grootste drasland ter wereld

Noem je het Amazonegebied de longen van Brazilië, dan mag je de Pantanal de nieren noemen

Dat is vooral aan de waterhyacint te danken, de drijvende waterplant die moeiteloos stikstof, kalium, lood, kwik en strontium uit het water haalt

Tussen waterhyacinten voelen yacarekaaimannen zich thuis. Ze gaan er naar appelslakken op zoek, hun favoriete kostje. Vissen lusten ze ook wel. Heel af en toe staat er een slang of een capibara op het menu

Volwassen mannetjes worden twee tot drie meter lang. Yacarekaaimannen komen niet vaak aan land. Meestal zoeken ze snel het water weer op om insecten te ontvluchten

In de Pantanal wordt het aantal yacarekaaimannen op tien miljoen geschat. Een wijfje legt 20 tot 40 eieren. De jongen moeten zich meteen na de geboorte zelf zien te redden. Vooral ooievaars en reigers beschouwen dat als een buitenkans

Benige uitstulpingen maken de huid van de kaaiman niet echt geschikt als krokodillenleer. Toch zijn in het verleden miljoenen dieren gedood, enkel en alleen voor hun huid. Pas in 1992 werd in Brazilië de handel in krokodillenhuid verboden

Veel zeldzamer zijn de reuzenotters. Wereldwijd zijn ze met niet meer dan vijfduizend

Dat ze overdag actief zijn en instinctief indringers benaderen, maakt hen een gemakkelijke prooi voor de mens


Roerloos zit een rosse tijgerroerdomp te wachten tot een argeloze prooi zich aandient. Dat kunnen vissen zijn, sprinkhanen, waterkevers, libellenlarven en zelfs slangen

Een fraaie verschijning is het, met zijn gele snavelbasis, zijn kastanjebruine nek en de lange witte strepen over zijn hals

Zijn territorium verdedigt hij onverschrokken. Zelfs met andere reigers komt hij dan weleens in conflict

Vijf jaar doet een rosse tijgerroerdomp er over om zijn roestbruin verenkleed in te ruilen voor dat van een volwassene

Nog zo’n vaste waarde in de Pantanal is de sokoireiger, de grootste van alle Zuid-Amerikaanse reigers

Eens volwassen kan deze langbenige waadvogel een meter dertig groot worden

De sokoireiger foerageert vooral overdag. In ondiep water jaagt hij op vissen, amfibieën en schaaldieren

Vissen interesseren hem pas als ze meer dan twintig centimeter lang zijn

Natuurlijke vijanden heeft de sokoireiger nauwelijks. Enkel de kuifcaracara heeft het wel eens op zijn kuikens gemunt


Een van de meest iconische dieren van de Pantanal is de capibara. Eens volwassen wegen deze knaagdieren tussen 35 en 66 kilogram

Zowel aan land als in het water voelt een capibara zich thuis. Zo nodig kan hij vijf minuten volledig onder water blijven. Een capibara kan zelfs slapen in het water

Capibara's voeden zich vooral met grassen en waterplanten. Zelfs hun eigen uitwerpselen laten ze niet liggen. Dat helpt hen om de cellulose in het gras te verteren en om zoveel mogelijk eiwitten en vitamines uit het voedsel te halen

Een capibara kan tien jaar oud worden, maar in het wild legt hij meestal het loodje voor hij vier is. Jaguars, anaconda’s, alligatorschildpadden en kaaimannen jagen hem voortdurend op

Paren gebeurt uitsluitend in het water. Na een draagtijd van 150 dagen worden één tot acht jongen geboren. Aan die snelle reproductie dankt de capibara zijn voortbestaan

Nauwelijks enkele uren na de geboorte kunnen de piepjonge knaagdieren al rennen, zwemmen en duiken


Zijn naam dankt de slangenhalsvogel aan zijn lange, dunne nek

Duikt een slangenhalsvogel het water in, dan wordt hij kletsnat. Op zijn veren zitten immers geen natuurlijke oliën die ze waterafstotend maken zoals bij een eend. Het maakt hem zwaarder, zodat hij makkelijker kan duiken als hij op vis jaagt

Maar die natte veren maken van de slangenhalsvogel een trage zwemmer. Noodgedwongen jaagt hij voornamelijk op trage vissoorten

Bovendien is het moeilijk vliegen met natte veren. Dus moet hij ze eerst in de zon drogen. Met roofdieren in de buurt maakt dat hem dan weer kwetsbaar

Die lange, spitse snavel komt de slangenhalsvogel goed van pas. Want hij pakt vissen niet met zijn bek beet, maar spietst ze op zijn snavel om ze daarna op een rustig plekje op te eten

Slangenhalsvogels zijn monogaam en honkvast. Mannetje en wijfje blijven hun hele leven samen en gebruiken jaar na jaar hetzelfde nest

De bigua-aalscholver is iets kleiner dan de slangenhalsvogel, maar hij komt op dezelfde wijze aan de kost

Zijn prooi vangt hij door vanaf het oppervlak het water in te duiken

Vaak zie je een bigua-aalscholver na een duikpartij zijn vleugels drogen

Toch beschikt hij zoals alle aalscholvers over een stuitklier waarmee hij vet over zijn vleugels strijkt – alsof hij ze waterafstotend wil maken. Waarom dat zo is, daar zijn wetenschappers nog niet uit

Dankzij zijn enorme tenen kan de leljacana over drijvende vegetatie lopen. Jesus bird noemen ze hem daarom ook weleens

Het mannetje bouwt het nest, broedt de eieren uit en brengt de jongen groot. Het vrouwtje verdedigt het territorium tegen indringers

Moerasbossen en mangrovebossen zijn de favoriete omgeving van de cayennebosral. Vliegen doet hij zelden, enkel als er gevaar dreigt brengt hij zich op een tak in veiligheid. Hij is monogaam en vertoeft heel het jaar door bij zijn vaste partner


Een jonge moerasbuizerd kijkt over het water uit. Hij leeft hoofdzakelijk van vis. Eens hij zijn prooi te pakken heeft, ontsnapt niets aan zijn grote klauwen – zelfs geen glibberige vis

De zuidelijke kuifcaracara steelt voedsel van andere roofdieren en weet zelfs gieren te verjagen bij kadavers van dode dieren. Het is de op één na grootste valk ter wereld

Ook levende dieren staan op zijn menu – knaagdieren, jonge vogels, schildpadden, hagedissen. Soms werken meerdere kuifcaracara’s samen om een grotere prooi te doden

In het broedseizoen kampen mannetjes met elkaar om de vrouwtjes, met spectaculaire luchtgevechten tot gevolg

Liefst van al vertoeft de kuifcaracara op de grond. Met zijn lange poten en platte klauwen is rennen voor hem immers geen probleem

Jonge kuifcaracara’s zijn bleker van kleur dan een volwassen vogel

Pas na acht weken verlaat een jonge kuifcaracara voor het eerst het nest

Dichte, vochtige bossen, daar houdt de kuifcaracara niet van. De wijdverspreide ontbossing in tropisch Zuid-Amerika speelt dus in zijn voordeel

Ook de Chileense kieviet profiteert van de toename van de veeteelt. Want open grasland, daar houdt hij van. In die mate dat hij in de buurt van luchthavens een ernstige bedreiging voor het luchtverkeer kan vormen

Een fraaie vogel is het, met zijn rijk geschakeerd kleurenpalet en de bronzen glans op zijn schouder

Zijn rode, benige sporen komen hem goed van pas om vijanden te intimideren. Die bevinden zich niet op de hielen van zijn poten zoals bij vele andere vogels, maar op het “polsgewricht” van zijn vleugels

Dat deze kuifhoenderkoet zo ostentatief over de oever loopt, is geen toeval. Het is immers een mannetje, met zijn gedrag wil hij de aandacht afleiden van…

…zijn gezinnetje dat spoorslags tussen het groen verdwijnt om zich in veiligheid te brengen. Vreemd genoeg leren de ouders hun kuikens eerst zwemmen en dan pas vliegen. Met kaaimannen in de buurt loopt dat weleens slecht af

Jaak Palmans
© 2025 | Versie 2025-08-29 14:00