Kamp Khwai – Deel 3

Botswana – Okavango | Anno 2022

 

 

6534 (jpg) Khwai.jpg

 

 

001_BOTS2998f.jpg

Mooie kleuren heeft een bateleur – zwarte, deels grijze vleugels, vuurrode bek. Maar deze jonge bateleur moet het voorlopig nog met zijn bruin verenkleed doen

 

002_BOTS2991f.jpg

Bateleurs leven meestal in kleine groepen. Bij het uitvliegen van termieten gaan ze er dan samen op af

 

003_BOTS2979f.jpg

Grote glansspreeuwen leven meestal in groepen van maximaal 50 individuen. Zitten ze samen in hun slaapboom, dan brengen ze vaak langdurige concerten ten gehore

 

004_BOTS3005f.jpg

Giraffen zijn telgangers. Eerst verplaatsen ze beide benen aan de ene kant, vervolgens die aan de andere kant. Zo kunnen ze snelheden tot 55 km per uur ontwikkelen

 

006_BOTS3025f.jpg

Olifanten hebben een enorme impact op het ecosysteem. Door bomen en kreupelhout te vellen of de schors ervan te eten kunnen ze savanne in grasland veranderen. Door naar water te graven kunnen ze permanente watergaten creëren

 

007_BOTS3057f.jpg

Wilde honden zijn bij uitstek sociale dieren. Gewonde of zieke leden van de roedel worden op dezelfde manier behandeld als nakomelingen

 

008_BOTS3030f.jpg

De verklaring voor deze ‘ziekenzorg’ ligt in het feit dat de sterkte van een roedel vooral afhangt van het aantal leden van de roedel. Hoe talrijker ze zijn, des te beter ze zich kunnen verdedigen tegen leeuwen en gevlekte hyena’s

 

009_BOTS3122f.jpg

 

 

010_BOTS3075f.jpg

Een moeder (links) met haar jong. Luipaardjongen blijven ongeveer anderhalf tot twee jaar bij hun moeder. Als alles goed gaat, kan een luipaard tot twintig jaar oud worden

 

011_BOTS3079f.jpg

Kenmerkend voor een luipaard zijn de zwarte vlekken op de vacht die in rozetten gegroepeerd zijn

 

012_BOTS3086f.jpg

Voor de jacht rekent de luipaard vooral op zijn scherp gehoor en zijn uitstekend gezichtsvermogen – zowel overdag als ‘s nachts. Want meestal jaagt hij 's nachts of in de schemering

 

013_BOTS3096f.jpg

De snorharen van een luipaard veranderen van stand, afhankelijk van zijn activiteit. Loopt hij, dan staan ze zijdelings uitgespreid. Snuffelt hij, dan staan ze langs de kop naar achteren. Valt hij een prooi aan, dan staan ze naar voren gericht, zodat hij op de goede plek kan toebijten

 

014_BOTS3169f.jpg

Kleine prooien doodt hij met een beet in de nek, grotere dieren grijpt hij bij de keel tot ze gestikt zijn

 

015_BOTS3105f.jpg

Met zijn krachtige kaakspieren kan hij karkassen die zwaarder zijn dan hijzelf de bomen in slepen. Zo legt hij voedselvoorraden aan die soms twee kilometer van elkaar liggen

 

016_BOTS3180f.jpg

Luipaarden zijn solitaire dieren. Alleen tijdens de paartijd zoeken luipaarden bewust elkaars gezelschap op

 

017_BOTS3192f.jpg

Leeuwen, gevlekte hyena’s en wilde honden zijn te duchten concurrenten voor de luipaard. Zelfs een nijlkrokodil krijgt soms een luipaard te pakken. Alleen hoog in een boom is het veilig voor een luipaard en zijn buit

 

018_BOTS3227f.jpg

Fluiten kunnen ze als de beste, deze witwangfluiteenden. Zo houden ze contact met soortgenoten

 

019_BOTS3219f.jpg

Bonte ijsvogels kunnen hun prooi in de vlucht manipuleren en doorslikken. Boven een groot wateroppervlak kunnen ze dus blijven jagen zonder ergens te moeten neerstrijken

 

020_BOTS3213f.jpg

Vaak hangt een bonte ijsvogel biddend boven het water tot hij plots met vooruitgestoken bek een duikvlucht uitvoert en een prooi pakt

 

021_BOTS3236f.jpg

Hooguit 15 gram weegt de Afrikaanse dwergijsvogel. Maar dat belet hem niet achter kikkers en gekko’s aan te gaan

 

022_BOTS3207f.jpg

In principe verlaat een nijlpaard enkel ‘s nachts het veilige water om te grazen. Doorgaans blijft het overdag liever in het water, waar het tegen de intense zonnestralen beschermd is

 

023_BOTS3241f.jpg

De pootafdruk van een volwassen olifant in de modder is ongeveer zo groot als een riooldeksel

 

024_BOTS3248f.jpg

 

 

025_BOTS3264f.jpg – Blauwe reiger

Blauwe reiger

 

026_BOTS3258f.jpg – Grote zilverreiger

Grote zilverreiger

 

027_BOTS3281f.jpg – Jonge hadada-ibis

Jonge hadada-ibis

 

028_BOTS3271f.jpg – Grote zilverreiger, heilige ibis

Grote zilverreiger, heilige ibis

 

029_BOTS3286f.jpg

Zebra’s zien goed, maar ruiken slecht. Gnoes daarentegen ruiken goed, maar zien slecht. Door systematisch elkaars gezelschap op te zoeken, bundelen deze grazers hun krachten en voelen ze zich veiliger voor roofdieren

 

030_BOTS3311f.jpg

Ook als grazers zijn ze complementair: zebra’s grazen het bovenste, minder voedzame grasdak af, waardoor het onderste, groenere materiaal wordt blootgelegd. Daar geven gnoes de voorkeur aan

 

031_BOTS3308f.jpg – Gnoes drinken zo mogelijk twee keer per dag

Gnoes drinken zo mogelijk twee keer per dag

 

032_BOTS3283f.jpg

Gezien het vele water in de Okavangodelta hoeven gnoes hier geen jaarlijkse langeafstandsmigraties te ondernemen zoals hun soortgenoten in Kenia en Tanzania

 

033_BOTS3301f.jpg

Als het erop aankomt durft een smidsplevier zijn nest – dat zich meestal op de grond bevindt – zelfs tegen olifanten te verdedigen

 

034_BOTS3304f.jpg

Bij oeverlopers daarentegen klimmen de kuikens bij naderend gevaar op de rug van hun moeder zodat die hen in veiligheid kan brengen

 

035_BOTS3314f.jpg

Witruggieren komen bij wijze van afkoeling graag pootje baden om dan met hun vleugeltoppen door het water slepen

 

036_BOTS3319f.jpg

Rond een karkas kunnen zich vele tientallen witruggieren verzamelen. Ze zijn dan meestal aangetrokken door een kapgier die als eerste bij het karkas gearriveerd is

 

037_BOTS3331f.jpg

De vleugels spreiden en de nek strekken helpt bij het afkoelen

 

038_BOTS3335f.jpg

Afkoelen kan ook door de poten met ontlasting te bedekken. Het verdampende water koelt dan de bloedvaten in hun poten af. Bovendien doodt het bijtende urinezuur de bacteriën op hun poten – altijd handig als je geregeld in kadavers moet woelen

 

039_BOTS3317f.jpg

Zijn forse zwarte snavel ten spijt, is een witruggier niet in staat om een dikke huid open te rijten. Maar met zijn lange nek en smalle kop kan hij wel diep in het karkas doordringen op zoek naar ingewanden en zacht vlees

 

040_BOTS3359f.jpg

Met hun grote vleugels kunnen witruggieren langdurig in de lucht rondcirkelen. Daarbij maken ze handig gebruik van de thermiek om hoogten van 200 tot 500 meter te bereiken

 

041_BOTS3366f.jpg

Lierantilopen voeden zich bijna uitsluitend met gras. Hun langwerpige snuit en hun flexibele lippen gebruiken ze om enkel de jongste grassprieten af te grazen

 

042_BOTS3368f.jpg

Leeuwen, jachtluipaarden, Afrikaanse wilde honden en gevlekte hyena's zijn hun belangrijkste vijanden, terwijl jakhalzen het vooral op de jonge lierantilopen gemunt hebben

 

043_BOTS3244f.jpg – Top

Top

Jaak Palmans
© 2025 | Versie 2025-08-27 14:00

 

 

 

 

 

Australië Victoria | Fotogalerij